Nieuws
12/10/2026

Van ontwerp naar praktijk: hoe Klaer biodiversiteit beheert


Biodiversiteit stopt niet bij het ontwerp van een zonnepark. Een groot deel van de ecologische waarde ontwikkelt zich juist in de jaren daarna, afhankelijk van hoe een locatie wordt beheerd en onderhouden. Sinds 2025 is Klaer verantwoordelijk voor ecologie en biodiversiteit als onderdeel van het assetmanagement. Daarmee krijgen ecologische aspecten een vaste plek in het langetermijnbeheer van duurzame energieprojecten.

Van ontwerp naar dagelijks beheer

Biodiversiteit kreeg lange tijd vooral aandacht tijdens de vergunningverlening en ontwerpfase van duurzame energieprojecten. Maar wat er na de bouw gebeurt, is minstens zo belangrijk.

“Je kunt duurzame energie niet meer los zien van ecologie en biodiversiteit. Het hoort bij de dagelijkse werkzaamheden”, vertelt Jan Klijnstra, Business Unit Director bij Klaer.

Deze aanpak sluit aan bij onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen, waaruit blijkt dat de ecologische waarde van zonneparken zich vooral tijdens de exploitatiefase ontwikkelt. Beheerkeuzes, zoals het maaibeleid, bodemgebruik en de inrichting van een locatie, spelen daarbij een belangrijke rol.

Door biodiversiteit onderdeel te maken van het assetmanagement, zorgt Klaer ervoor dat ecologische aandachtspunten ook na de ingebruikname van een zonnepark worden meegenomen in beheerbeslissingen.

Van aannames naar structurele monitoring

Om biodiversiteit goed te kunnen beheren, moet je eerst weten wat er op een locatie gebeurt. In 2025 werkte Klaer daarom verder aan een systematische aanpak voor ecologische monitoring. Daarbij verschuift de aandacht van algemene waarnemingen naar meetbare inzichten.

“Monitoring klinkt eenvoudig, maar dat is het niet”, legt Jan uit. “Je moet eerst bepalen wat je wilt meten, hoe vaak je dat doet en welke methode je daarvoor gebruikt.”

Klaer richt zich op verschillende soortgroepen, waaronder planten, vogels en insecten. Hiervoor gebruikt het team bestaande ecologische meetmethoden en werkt het samen met gespecialiseerde kennispartners.

Waarnemingen in het veld worden gecombineerd met technologie, zoals wildcamera’s, geluidsopnames voor soortherkenning en AI-ondersteunde analyses. Ook biologiestudenten leveren een bijdrage aan het veldonderzoek. Zo komen de dagelijkse beheerpraktijk en wetenschappelijk onderzoek samen.

Met deze aanpak kan Klaer ecologische ontwikkelingen over langere tijd volgen en beter beoordelen hoe biodiversiteit reageert op verschillende beheermaatregelen.

Positieve ontwikkelingen, maar ook nuance

De eerste inzichten ondersteunen eerdere onderzoeksresultaten: zonneparken kunnen bijdragen aan een grotere biodiversiteit ten opzichte van intensief beheerde landbouwgrond.

“In de kern ga je van een monocultuur naar een rijkere leefomgeving”, legt Jan uit.

Toch is de werkelijkheid ingewikkelder dan alleen een toename van het aantal soorten. Wanneer een leefgebied verandert, verandert ook de soortensamenstelling. Sommige soorten verdwijnen, terwijl andere juist verschijnen. Bovendien verschilt de ecologische balans per locatie.

Biodiversiteit is daarom geen vast eindresultaat, maar een continu proces dat wordt beïnvloed door lokale omstandigheden, grondgebruik en beheerkeuzes. Inzicht in die verschillen helpt om per locatie te bepalen welke maatregelen het meest effectief zijn.

Leren van de praktijk

Niet iedere ecologische maatregel levert het verwachte resultaat op. Juist daarom is monitoring zo belangrijk.

Ervaringen uit 2025 lieten zien dat bepaalde maatregelen, waaronder experimenten met ecologisch maaibeheer en het achterlaten van samengeperste balen maaisel, minder effectief waren voor het stimuleren van biodiversiteit dan vooraf werd verwacht.

“Het is niet altijd eenvoudig. Daarom meten we actief wat het effect is van onze maatregelen. Dat is een belangrijk onderdeel van het leerproces”, vertelt Jan.

Deze inzichten gebruikt Klaer om het beheer verder aan te passen. Zo kan het maaibeleid worden afgestemd op het moment waarop insecten de kans krijgen om te ontsnappen voordat het maaisel wordt afgevoerd. Dit ondersteunt zowel de bodemkwaliteit als de soortenrijkdom.

Door te meten, evalueren en bij te sturen, bouwt Klaer steeds meer kennis op over effectief ecologisch beheer.

De balans tussen biodiversiteit en prestaties

Ecologisch beheer draait om meer dan het verbeteren van leefgebieden. Maatregelen moeten ook passen binnen de dagelijkse praktijk van een energieproject.

“De theorie moet in de praktijk werken”, benadrukt Jan.

Vegetatiebeheer is daar een goed voorbeeld van. Het vermijden van chemische bestrijdingsmiddelen en het toepassen van extensieve beheermethoden, zoals maaien en begrazing, kunnen de biodiversiteit ondersteunen.

Milieuvriendelijke keuzes leveren echter niet automatisch economische waarde op. Wanneer vegetatie op natuurlijke wijze groeit en droogt, betekent dit bijvoorbeeld niet vanzelf dat het maaisel van hogere kwaliteit wordt. Het afvoeren en verwerken ervan brengt nog steeds kosten met zich mee.

Dit laat zien voor welke afwegingen ecologisch assetmanagement staat: het combineren van ecologische voordelen met onderhoudseisen, veiligheid en financiële haalbaarheid.

Voor Klaer is het uitgangspunt om deze belangen mee te nemen in het dagelijkse assetmanagement, in plaats van biodiversiteit als een losstaand onderdeel te behandelen.

Werken aan meetbare biodiversiteit

Het beheer van een grote portefeuille duurzame energieprojecten biedt mogelijkheden om ervaringen tussen verschillende locaties te vergelijken en succesvolle maatregelen breder toe te passen.

Door ecologische ontwikkelingen op zonneparken naast elkaar te leggen, krijgt Klaer beter inzicht in welke maatregelen werken en waar verbeteringen mogelijk zijn. Zo kunnen maatregelen, zoals het aanbrengen van structuren die leefgebieden ondersteunen, worden geëvalueerd en waar effectief ook op andere locaties worden toegepast.

Tegelijkertijd vormt het verder standaardiseren van monitoring en rapportage een basis voor meetbare biodiversiteitsindicatoren en toekomstige ESG-rapportages.

De ambitie is om het verband tussen beheerkeuzes en ecologische resultaten steeds beter inzichtelijk te maken. Daarmee wordt biodiversiteit een steeds beter meetbaar onderdeel van assetmanagement.

Uiteindelijk draait het niet alleen om het nemen van ecologische maatregelen, maar vooral om begrijpen welk effect ze hebben en hoe ze verder kunnen worden verbeterd.

Het gaat erom dat we blijven meten, leren en verbeteren. Alleen zo kunnen we echt impact maken
Jan Klijnstra portret Jan Klijnstra, Business Unit Director

Zorgeloos slapen?

Laat het over aan Klaer.

Vertrouwen begint met elkaar leren kennen. Plan een afspraak of neem gelijk contact met ons op.

Kom in contact

Vragen? Bel of e-mail ons.

COntact